Werkpaarden en imago

We wisten al vanaf de aanvang van de Warmonderhof-deeltijdopleiding dat het op het programma stond: een dag paardentractie oefenen. Dat klonk interessant. maar ook enigszins bevreemdend. Want paardentractie betekent niet veel anders dan dat je met een werkpaard je land bewerkt: schoffelen, ploegen, eggen. Ik moet toegeven: in mijn eerste jaren op de boerderij heb ik fantasieën gehad om met een ezel mijn moestuin te bewerken. Omdat ik die droompjes wel eens hardop had uitgesproken, kreeg ik op mijn 50ste verjaardag een ezel cadeau. Een hengst, nou dan weet je het wel. Het dier heb ik na twee maanden naar een zorgboerderij in Drenthe gebracht, waar hij heerlijk in een kudde leeft.

Ik zag enigszins op tegen de paardentractiedag in Dwingeloo, die gisteren was. Ik ben wat beducht voor grote dieren en paarden hebben me al regelmatig gebeten. Ik ben geenszins van plan er een werkpaard op na te houden, dat ben ik gewoon zelf wel en anders de trekker. Op school is ons uitgelegd dat je gewoon eens moet meemaken hoe je kunt samenwerken met een paard. Niet omdat het gemeengoed is binnen de biologische landbouw. Wel omdat het, als je ervoor zou voelen, een optie kan zijn. Bijvoorbeeld om een niet al te grote boerderij of perceel bodemvriendelijk te bewerken. Een paardenhoef drukt de bodem veel minder samen dan trekkerbanden, en de bodem herstelt de schade ervan zelf heel makkelijk.

In Dwingeloo woont een echtpaar dat helemaal gek is van Belgische trekpaarden. Ze hebben van hun hobby hun werk gemaakt. Hun bedrijf, De Tonnemaker, doet van alles met trekpaarden, onder meer ook les geven aan (deeltijd)studenten van de Warmonderhof. Uniek, is dat, heb ik ondervonden. Met enkele klasgenoten was ik een van de mensen die het niet zo op paarden heeft. Te groot, ik snap ze niet. We kregen eerst wat theorie en daarna gingen we op elkaar oefenen hoe het is als je met de ogen dicht met leidsels ‘bestuurd’ wordt. Een kwestie van vertrouwen, dat voel je. Je moet voelen wat degene achter je wilt.

Na een wandelingetje met een paard aan het halster en na de pauze mochten we echt aan de slag: een paard een trekstand met autopand laten trekken en hem (of haar) via een parcours leiden. Eerst heel erg onwenning. Mijn eerste paard, Bea, wilde almaar keuvelen met haar soortgenoten en naar de pauzeplaats om stil te staan. Het tweede paard was een slime ruin, Reyno. Hij had het parcours de eerste keer met de cursusleider gelopen en ik merkte dat hij zelf al wist waar hij heen wilde. Ik vond hem erg leuk, merkte ik. Het derde paard, een merrie, wilde almaar niet gaan lopen. Je kon ‘vort’ roepen wat je wilde, maar er moest een klasgenoot aan te pas komen om het dier aan het stappen te zetten.

Toen de workshop was afgelopen waren we allemaal opgetogen, ook alle bangeriken. Wat aan het begin van de dag onmogelijk had geleken, hadden we stuk voor stuk een beetje ervaren: zelf een paard leiden, voelen hoe het is met een dier te werken. Een gewaardeerd volgster van dit blog, een koeienboerin, reageerde direct op een tweet van mij hier over: “Ik krijg hiermee wel een heel ouboulig beeld van biologische landbouw… Ik zie het graag eigentijdser: mooi biologisch melkveebedrijf met melkrobot en weiden.”

Hierbij zag zij iets over het hoofd. Wat zij als een ‘beeld’ van de biologische landbouw begreep, heeft daar weinig mee te maken. Wij zijn moderne, wereldwijze al wat oudere leerlingen, kritisch, ieder met een eigen beroep. Wij willen leren over biologische landbouw en de manieren waarop die beoefend wordt. We hebben allerlei moderne zaaimachines bekeken, we kregen les over niet-kerende grondbewerking, we hebben kastechniek geleerd en tomaten geënt, we zijn voorgelicht over alle denkbare stalsystemen voor koeien én over melksystemen. We horen ook hoe verschillend biologische landbouw wordt ingevuld en we zien dat op onze stagebedrijven. Er zijn boeren die intensiever telen dan gangbare collega’s. Er zijn biologische boeren die veel koeien en robots hebben en er zijn er die een paar koeien hebben met tuinbouw, enkele varkens, wat kippen en veel klanten. Er zijn eigenlijk geen biologische boeren die met een trekpaard werken: de trekker is alom aanwezig en bioboeren weten als geen ander vaak wat werken met GPS is. De boer zelf kiest hoe hij het liefste zijn bedrijf inricht.

Paarden op onze boerderij, voor de Eerste Wereldoorlog

Paarden op onze boerderij, voor de Eerste Wereldoorlog

Op onze boerderij, waar de familie 102 jaar boert, is tot begin jaren zestig met werkpaarden gewerkt. Ploegen, schoffelen, oogsten. Mijn schoonvader is er mee groot geworden. Hij had als jongeman voor de oorlog zelfs een chique rijpaard, dat hij in tenue bereed. Na de oorlog, ten tijde van het Marshall-plan, werd alles anders. Mijn schoonvader stortte zich op de mechanisatie, daar was hij enthousiast over. Van paarden moest hij niets (meer) hebben. Hij had als een van de eersten hier in de provincie een ligboxenstal.

Over de werkpaarden wilde hij niet meer praten. Het beetje dat wij ervan weten, is van een oude boer hier in de buurt, die er nog twee stil heeft staan in zijn wei. Zelf kan ik nu ook een beetje trekker rijden en ik zal het beter gaan leren. Een werkpaard komt er niet in. Toch vond ik het een voorrecht dat ik de kans heb gekregen te ondervinden wat het betekent om te werken met paarden. Levende wezens, met een eigen wil, die niet altijd doen wat jij wilt, die ziek kunnen zijn, gewond kunnen raken, die verkeerde stappen kunnen zetten. Ze moeten tijd hebben om te rusten en te eten. Niet het sleuteltje in het slot en karren maar. Ik heb enorm veel respect voor die mensen en dieren die het zo lang met elkaar hebben kunnen rooien, letterlijk. Ik vind er niets oubolligs aan. Sterker nog: ik vind het jammer dat wij niet als de dagstudenten leren ploegen met de paarden.

4 Comments

  1. Hoi stadseboerin, dank voor je uitleg! Voor het geval je het over het hoofd hebt gezien, ik zette in mijn tweet een – vette – knipoog. Ik weet natuurlijk wel dat werken met paarden in de biologische landbouw niet gangbaar is, ik wilde je alleen wijzen op het beeld dat je hiermee naar buiten brengt – en niet ‘iedereen’ leest je blog. Er is nog altijd een vooroordeel dat biologische landbouw iets ‘geitenwollensokkerigs’ is en iets kneuterigs heeft, terwijl dat natuurlijk niet zo is – zie het melkveebedrijf van @36sandjes. Een paar jaar geleden was ik – als reguliere koeienboerin – op de biologische landbouwbeurs in Zwolle – ik ontmoette er @36sandjes -, ik keek m’n ogen uit: zo veel mooie en smakelijke producten. Ik volg ook met veel plezier je ervaringen die je deelt op je weblog – moet er ook regelmatig om lachen (=niet uitlachen!), en ben heel benieuwd wat het jou uiteindelijk brengt. Ik blijf je – kritisch 😀 – volgen!

    Like

    Beantwoorden

  2. Ha Hendrika, ja leuk, je zet me aan het denken, hoor! Ik merk niet zo veel van dat biologisch als kneuterig wordt gezien. Zeker de stadsbevolking is er wild van. Misschien is er in de agrarische wereld meer dat beeld. Mij valt heel erg op dat er veel ‘gevonden’ wordt. Biodynamische boeren vinden biologische boeren soms aan de foute kant zitten, over gangbaar maar niet te spreken, enzovoorts enzovoorts. Ik probeer me gewoon zoveel mogelijk open te stellen en samen met Piet datgene te doen waarvan wij warm worden. En ons ontwikkelen. Nogmaals dank voor je opmerkingen, fijn om kritische lezers te hebben.

    Like

    Beantwoorden

  3. Ik weet niet of je de Volkskrant leest – vandaag staat in de bijlage een artikel – Het grazen voorbij – over een tentoonstelling die binnenkort in het Fries Museum is te zien. Fotograaf Hans van der Meer is bij een melkveehouder op bezoek die staat voor een extensieve, holistische vorm van landbouw. Ze zitten samen aan de keukentafel:
    Boer: Het gaat ook over beeldvorming… .
    Fotograaf: Ah kijk! Dat is interessant.
    Boer: Mensen die bij de biologische boer kopen hebben vaak het idee: ha, de natuur, kalfjes bij de koe en zo. En als je dan biologische melk verkoopt, vind ik eigenlijk ook dat je aan dat beeld zou moeten voldoen. Als het enigszins kan natuurlijk. En in dit geval is dat niet zo moeilijk (hij houdt de kalfjes bij de koeien).

    Een leuk voorbeeld van beeldvorming en bovenstaand blog. Hetzelfde doe ik natuurlijk op mijn weblog, daar laat ik ook een bepaald beeld zien. Ik krijg wel eens de vraag: Jullie zijn zeker biologisch. Uh, nou nee 😉

    Like

    Beantwoorden

  4. Ja, leuk, ik ga straks even naar het dorp de VK kopen. Beeldvorming is een lastige. De boer die jij citeert roert dat eigenlijk aan. Als imago en werkelijk niet samenvallen heb je een probleem op den duur. Daar wil hij wat aan doen. Anderzijds: mensen maken zelf beelden die ver weg staan van de realiteit te maken hebben. Dat merk ik vaak als mensen onze bio-kippenstal zien. Dat past niet bij hun beeld van een biokip, want daarbij denken ze aan een erf met wat scharrelende kippen. Dat vergt wel enige uitleg. Maar het ons wel aan tot nadenken over hoe het anders en beter zou kunnen. Ik verwacht daar volgend jaar meer nieuws over te hebben.

    Like

    Beantwoorden

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s