Water of wortel?

Mijn stageboer houdt, zoals de lezers misschien nu wel weten, van oneliners. Hij schept er volgens mij enig genoegen in die op zijn stagiaire los te laten. De stagiaire en haar eigen boer schatten inmiddels in dat er een scheurkalender van te maken is. Okke’s scheurkalender – een spreuk voor elke dag.

Spanning opvoeren?

Een van de laatste spreuken die ik hoorde ging ongeveer als volgt. ‘Boer zijn stelt niets voor.’ Okke laat een stilte vallen. Waarschijnlijk om de spanning op te voeren. Dan zegt hij. ‘We zijn alleen maar bezig met het verkopen van water.’ Weer een stilte.

90 procent water

Ik weet soms niet wat ik dan moet zeggen. Moet ik wel wat zeggen, eigenlijk? Water verkopen. Ik snap zijn punt. Een plant zoals hij ze teelt zal wel voor 90 procent uit water bestaan. Net als wij. Maar ja, moet je dan ook maar geen kindertjes meer op de wereld zetten?

Rauw

Een tijdje terug kreeg ik van Okke winterwortelen mee. Ze waren donker-oranje, zaten nog onder de klei, maar geurden dat het een lieve lust was. Thuis maakte ik de wortelen schoon en proefde ze rauw. Overal een super intense wortelsmaak. Dat kom ik niet vaak tegen. Okke mag trots zijn op zijn product.

Knapperig en schoon

Vorige week of daaromtrent kregen we een paar zakken wortels van een andere, ook zeer vrijgevige boer. Schoongewassen, verpakt in plastic zakken, zien er mooi uit. Ik deed hetzelfde: proeven. De wortels knapten in mijn mond. Water en spankracht. Maar vervolgens proefde ik helemaal NIETS!

In de cake ermee

Gisteren heb ik besloten er wortelcake van te maken. Dat ziet er mooi uit en proeft toch naar suiker, kaneel en andere specerijen. Prima cake. Misschien verbouwen boeren wel water. Maar het ene water is veel lekkerder dan het andere! En hopelijk ook gezonder!

 

Aandacht werkt – of niet?

Maandag kregen we op Warmonderhof voor de eerste keer het vak ‘Werken met aandacht’. Aandacht is belangrijk, om te merken wat planten, dieren en de bodem nodig hebben. Dat is de gedachte. We deden oefeningen in waarnemen, denken en meditatie. Mijn gedachten over een splitpennetje (dat is zo’n koperkeurig gevalletje waarmee vroeger de ledematen van papieren trekpopjes werden bevestigd aan de romp) vielen me tegen. Ik kwam niet veel verder dan het dingetje te mollen. Denken is lastiger dan je denkt! Het mediteren was heerlijk. Ik deed ook daar iets wat niet de bedoeling is: ik gleed wat zachtjes weg naar een lager bewustzijn, een soort van slapen. Dat verkwikte me.

Na nog wat klassikale oefeningen met aandacht geven aan een persoon, gingen we heel praktisch aan de slag met het zaaien van twee bakjes met tuinkers. Het ene bakje moesten we onverschillig zaaien, het andere aandachtig. We kregen de bakjes mee naar huis om ze te bestuderen. De eerste paar dagen kon ik mijn nieuwsgierigheid bedwingen. Ik keek niet onder de bakjes, waar met een viltstift is aangetekend wat wat is. Ik wist dus niet welk het onverschillige bakje was en welk het aandachtige. Vanmiddag heb ik er onder gekeken. Ik zeg er nog niets over. Wat denken jullie?

Een dynamische boerderij

Wat is nou eigenlijk biodynamisch? Ik ben er nog lang niet achter. Op onze biodynamische opleiding krijgen we enerzijds les over biologisch landbouwkundige zaken, zoals bodemvruchtbaarheid, bemesting, vruchtwisseling, teeltplannen, wat een koe nodig heeft om goede melk te geven, hoe je bomen snoeit en dergelijke. Nuchtere feiten. Anderzijds gaan we in op energie voelen, zaadjes aandacht geven, jezelf en je gedachten waarnemen. Aan die aspecten zijn we nog mondjesmaat blootgesteld: we zijn vooral veel kennis aan het opzuigen.

Steiner

Hoewel ik biologisch wil leren boeren, had ik, voordat ik naar de Warmonderhof ging, besloten ook voor het ‘dynamische’ open te stellen, wat het ook mocht zijn. In Rudolf Steiner, de grondlegger van het hele gebeuren, heb ik me nog niet verdiept. Ik snap nog niet hoe hij aan al zijn kennis over gezondheid, landbouw en onderwijs kwam. Een allesweter als hij maakt me wel wat wantrouwig.

Idealisme

In een boek over de geschiedenis van de biodynamische landbouw in Nederland, De aarde zal weer vruchtbaar zijn, geschreven door Ellen Winkel, kwam ik veel idealisme tegen. En mensen die heel hard hebben gewerkt om dat idealisme gestalte te geven. Op dat gebied is er nog niet zoveel veranderd, lijkt het. Het viel me ook op dat de auteur laat zien dat de biodynamische wereld al in het begin van de 20ste zich druk maakte over het gebruik van kunstmest. Ik dacht dat chemie en kunstmest pas vooral na de Tweede Wereldoorlog een vlucht hadden genomen.

Levend wezen

In onze lessen over gezonde voeding kwamen er naar mijn smaak veel te veel aannames en cirkelredeneringen voor om aan te tonen dat biologische, en biodynamische voeding helemaal, veel gezonder zou zijn. Maar bij de biodynamische benadering van het boerenbedrijf voel ik me wonderwel thuis. Een dier, maar ook planten en de bodem, als een levend wezen benaderen? Je bedrijf inrichten als een organisme, met organen die samen een geheel vormen? Het lijkt mij heel erg logisch. Ik kán een plant niet eens anders zien en de bodem ontdek ik nu ook werkelijk als bron van leven. Ik heb echt zin me daar meer in te verdiepen.

Wordt de bodem vanzelf gezond?

De benadering van de opleiding ben ik me al aan het eigen maken. Ik merk het aan de interactie thuis. Mijn lief heeft levenslange ervaring als landbouwer. Die hoef ik niets te vertellen. Maar als het om een biologisch boerenbedrijf opzetten gaat, wat voor mij natuurlijk eigenlijk onbegonnen werk is, let hij op andere dingen. Hij zet zijn bedrijf voort. Hij houdt van improviseren. De bodem wordt vanzelf gezond, denkt hij. Of die is het al, kijk maar naar de goede pompoenenoogst die van het biologisch land af komt. Ondertussen denk (en zeg) ik op basis van de lesstof: er zal toch echt veel meer organische stof (plantenresten) in moeten. Daar moet je actief aan werken. En hoe houden we de stikstof vast? Zo heb ik talloze vragen, maar lijk ik ook al wat opvattingen te gaan vormen.

Stof tot praten

Het irriteert hem een beetje als ik met de voor mij nieuwe ontdekkingen thuis kom en die probeer te projecteren op de toekomst van ons bedrijf in oprichting. Over de ziel van een plant of de bodem heb ik het dan nog niet eens. Maar goed, ik snap dat een old crack wel kan struikelen over het ‘jeugdige’ en misschien ook wat naïeve enthousiasme van de stadse die de op mbo-niveau 2 leert om medewerker biologische landbouw te worden. Maar we hebben voorlopig voldoende stof om samen over te praten. Het leven hier op de boerderij wordt nog veel dynamischer!